De verdieping

Deze week keek ik terug op afgelopen jaar. Wat is er veel gebeurd! Om te beginnen ben ik als trompetter uit het culturele systeem gestapt. Weloverwogen? Welnee, het gebeurde gewoon. Leef je leven van moment tot moment, dat is wat ik ontving. Zoals je ook als musicus met een beginner’s mind je repertoire speelt. Niet te ver vooruit op weg naar een doel, maar stapje bij stapje voelen en doen wat nodig is.

70% van jou is genoeg

Stel je eens voor dat jij die keus ook zou maken. Privé of zelfs met de mensen met wie je werkt. Koersen op wat zich aandient en daarmee samen aan de slag gaan. Even weg van de verslaving aan het leveren aan de baas of dirigent, omdat we daarin nu eenmaal zijn opgevoed. Liever draag je bij vanuit de diepe permissie dat 70% van jou ook voldoende is in het moment. Voor jezelf, maar ook voor je omgeving. De ‘room to play’ is dan 30%, en die ruimte kun je gebruiken om samen met je omgeving een beleving te creëren. Stel je eens voor: remmen om te spelen. Durf jij het aan? Weg te stappen van het ‘leveren’ en het gesprek daarover aan te gaan? En jouw bijdrage te gaan voorleven?

Ruimte voor wat zich aandient

We zijn allemaal op zoek naar duiding, zinvol zijn en verdieping. Maar om dat te voelen, moet je ruimte maken. Ruimte met diepe permissie, om te spelen, te voelen en te ervaren om jouw bijdrage aan wat zich aandient er te laten zijn.

Ook in de corporate wereld is er veel beweging. Deze week mocht ik spreken op de nieuwe leadership journey voor directievoorzitters in de financiële sector. Het thema was Unplugged. Als je loskomt van jouw spreekwoordelijke trompet, je aannames, je rol, je ego, jouw ‘leveren’, kun je weer eens landen in dat jongentje of meisje dat vroeger met Lego bouwde. Die gewoon bouwde om het bouwen. Met de ware energie van het spelen. Mijn motto is hierin: “To PLAY is nothing more or less than to Practice Like A Youngster”.

Bijdragen = van betekenis zijn

Sociale innovatie is daarom niets nieuws, alleen gaat het nu over het creëren van ruimte om mensen heen, en om de dingen die je al deed. In dat kader heb ik nog een mooi voorbeeld te delen. Aveleijn, een grote zorginstelling in het oosten van het land, nodigde mij uit om te spreken over het thema ‘De moedige professional’. Vervolgens kwam er een aantal filmpjes van medewerkers die op de werkvloer bezig waren. Eén dame zei: “Ik vind het zo fijn dat ik iets betekende voor die man die een psychose kreeg, want ik voelde ergens dat ik naast hem moest gaan zitten. En dat met mijn beperkingen!”. Dat raakte me zo, want daarin zit de essentie. Een bijdrage leveren aan het menselijke artiest-zijn. Die menselijke maat in de professionaliteit!

Hoe kijk jij daar tegenaan? En wat doe jij om die menselijke maat de boventoon te laten voeren?